Deze vraag werd gesteld in het voormalige forum van NuRecht. De namen van deelnemers en technische forumgegevens zijn niet overgenomen. De inhoudelijke gedachtewisseling is behouden; onderaan staat de huidige juridische stand van zaken.

De vraag

Hoi, ik las dit: https://www.nurecht.nl/privaatrecht-afstand-bomen-erfgrens.html maar mijn vraag is hoe dit zit bij ramen? Wij willen namelijk een raam maken in een muur die nu nog dicht is. Het punt is dat dit raam uitzicht geeft op de tuin van de buren en dat het binnen twee meter is van de erfgrens (dat zou niet mogen). :rolleyes:

Maar nu komt het raam behoorlijk hoog in de muur te zitten. Zeg maar zo hoog dat je er feitelijk niet doorheen kan kijken naar de tuin van de buren, of je zou een ladder moeten pakken. Het gaat ons puur om het licht. Wij willen weten of dat dan is toegestaan of juist niet. Iemand een idee?

Antwoord van NuRecht

Zie: https://www.nurecht.nl/BW5.html#Boek5/Titel4/Artikel50

Art. 5:50 BW: Tenzij de eigenaar van het naburige erf daartoe toestemming heeft gegeven, is het niet geoorloofd binnen twee meter van de grenslijn van dit erf vensters of andere muuropeningen, dan wel balkons of soortgelijke werken te hebben, voor zover deze op dit erf uitzicht geven.

De vraag is dus of er sprake is van 'voor zover deze op dit erf uitzicht geven'. In de rechtspraak lijkt dit niet als zodanig te worden aangemerkt:

"Zijdelings is, staande aan – vanaf de achterkant van [gedaagde sub 1]s woning bezien – de rechter voorkant van het terras en anders dan [gedaagde sub 1] steeds heeft aangevoerd, schuin naar boven kijkend wel uitzicht op [eiseres]’s dakterras. Omdat artikel 5:50 BW evenwel geen bescherming biedt tegen zijdelings uitzicht, kan niet gezegd worden dat [gedaagde sub 1] in strijd met dit artikel handelt. Weliswaar is in het onderhavige geval sprake van uitzicht schuin naar voren, maar de kantonrechter is van oordeel dat een dergelijk uitzicht op een lijn moet worden gesteld met zijdelings uitzicht. Een andere uitleg zou als onaanvaardbaar gevolg hebben dat een bewoner van een hoekpand, net zoals die van een rijtjeswoning, zijn buren het recht op het oprichten van een dakterras met een beroep op artikel 5:50 BW zou kunnen ontzeggen, zodra hij zelf een dakterras heeft aangebracht.

Dit betekent dat [eiseres]’s vorderingen – mede gelet op de omstandigheid dat ook zij op haar beurt zijdelings uitzicht heeft op het dakterras van [gedaagde sub 1] – zullen worden afgewezen, voor zover zij gebaseerd zijn op artikel 5:50 BW."

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBUTR:2012:BX1226

In beginsel zou het raam dus mogen lijkt mij.

Stand van zaken in 2026

Artikel 5:50 BW verbiedt zonder toestemming van de eigenaar van het naburige erf vensters, muuropeningen, balkons en soortgelijke werken binnen twee meter van de grens, voor zover deze uitzicht geven op dat erf. Voor ondoorzichtige, vaststaande vensters bevat artikel 5:51 BW een afzonderlijke regel. Een hoog geplaatst raam is daarom niet reeds vanwege de hoogte toegestaan: beslissend zijn onder meer het feitelijke uitzicht, de uitvoering van het raam, de plaats van de grens en eventuele toestemming of verjaring.

De in het antwoord genoemde uitspraak over zijdelings uitzicht blijft bruikbaar als voorbeeld van de feitelijke uitleg van het begrip uitzicht. Zij geeft geen algemene regel dat ieder hoog raam is toegestaan. Daarnaast kan voor het maken van het raam publiekrechtelijke toestemming nodig zijn.

Bronnen bij de actualisatie

Algemene informatie

De beoordeling van een concrete zaak kan afhangen van feiten en stukken die in deze forumvraag niet zijn genoemd.