De ketenregeling geldt niet alleen wanneer telkens precies dezelfde werkgever op het contract staat. Ook arbeidsovereenkomsten bij verschillende werkgevers kunnen elkaar opvolgen als die werkgevers ten aanzien van de verrichte arbeid redelijkerwijs als elkaars opvolger moeten worden beschouwd.

Kort antwoord

Blijft u na een werkgeverswissel dezelfde of vergelijkbare werkzaamheden verrichten en bestaat er een relevante samenhang tussen de oude en de nieuwe situatie, dan kan de keten doorlopen. Alleen een andere naam boven het contract laat eerdere diensttijd dus niet zonder meer verdwijnen.

Dezelfde partijen en opvolgend werkgeverschap

De oorspronkelijke ketenregeling sprak eerst over arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen. Daardoor ontstond ruimte voor draaideurconstructies: een werknemer ging formeel bij een andere werkgever in dienst, maar bleef feitelijk hetzelfde werk doen. De wet heeft daarom bepaald dat ook verschillende werkgevers als opvolgers kunnen gelden.

Wat precies onder een opvolgend werkgever moet worden verstaan, volgt niet volledig uit de wet. In de parlementaire behandeling en rechtspraak werd onder meer gekeken of de werknemer bij de nieuwe overeenkomst dezelfde of nagenoeg dezelfde werkzaamheden bleef verrichten, met vergelijkbare verantwoordelijkheden en onder vergelijkbare omstandigheden.

De kantonrechter Hilversum oordeelde in 2006 dat één extra taak in de nieuwe arbeidsovereenkomst niet verhinderde dat nog steeds van nagenoeg dezelfde werkzaamheden sprake was. Omgekeerd kunnen een andere standplaats, een andere werkplek, andere collega's en leidinggevenden en wezenlijk andere verantwoordelijkheden juist tegen opvolgend werkgeverschap spreken.

Voor het recht van vóór 1 juli 2015 verlangde de Hoge Raad volgens de bekende maatstaf onder meer dat de nieuwe overeenkomst wezenlijk dezelfde vaardigheden en verantwoordelijkheden vereiste en dat tussen de werkgevers zodanige banden bestonden dat het verkregen inzicht in de werknemer aan de nieuwe werkgever kon worden toegerekend.

Sinds 1 juli 2015 vermeldt artikel 7:668a BW uitdrukkelijk dat opvolgend werkgeverschap ook kan bestaan ongeacht of de nieuwe werkgever inzicht had in de hoedanigheid en geschiktheid van de werknemer. De concrete overgang en de verrichte arbeid blijven van belang.

Draaideurconstructies

Bij een draaideurconstructie wordt geprobeerd de keten te onderbreken door de werknemer tijdelijk via een andere onderneming, een uitzendbureau of een gelieerde werkgever hetzelfde werk te laten verrichten. De constructie slaagt niet automatisch doordat formeel een andere rechtspersoon contractspartij wordt. De rechter kijkt naar de feitelijke opvolging.

Niet iedere overstap naar een andere werkgever betekent daarentegen dat de keten doorloopt. Nieuwe werkzaamheden, een andere functie of het ontbreken van een relevante band met de vorige arbeid kunnen juist tegen opvolgend werkgeverschap spreken.

Faillissement en doorstart

Bij faillissement kan de curator arbeidsovereenkomsten opzeggen volgens artikel 40 Faillissementswet. Een doorstarter neemt die arbeidsovereenkomsten niet automatisch over zoals bij een gewone overgang van onderneming. Dat betekent echter niet dat eerdere contracten voor de ketenregeling altijd buiten beschouwing blijven.

Wanneer de werknemer na de doorstart hetzelfde of vergelijkbaar werk voor de verkrijger blijft verrichten, kan de doorstarter onder omstandigheden opvolgend werkgever zijn. De positie hangt af van de feiten, het toepasselijke recht op het moment van de doorstart en de inrichting van de overname.

Een doorstart na faillissement moet worden onderscheiden van een overgang van onderneming buiten faillissement. De gevolgen voor bestaande contracten en opgebouwde rechten verschillen wezenlijk.

Bronnen

Verder over dit onderwerp

Algemene informatie

De informatie op deze pagina is algemeen. De uitkomst kan afhangen van het contract, de cao en de overige omstandigheden van het geval.