Ook een oproepkracht of uitzendkracht kan uiteindelijk aanspraak krijgen op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. De gewone ketenregeling is echter niet altijd rechtstreeks toepasbaar, omdat de aard van de overeenkomst en de toepasselijke cao aanvullende regels kunnen geven.
Oproepkracht
Bij oproepwerk moet eerst worden vastgesteld welk contract is gesloten. Het voornaamste verschil is of de werknemer verplicht is aan een oproep gehoor te geven en of de werkgever verplicht is hem op te roepen.
Arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht
Moet de oproepkracht na een oproep komen werken, mag de werkgever aanwijzingen geven en wordt loon betaald voor de gewerkte uren, dan kan sprake zijn van één arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht. Vaak is daarbij een minimum- en maximumaantal uren overeengekomen; ontbreekt een minimum, dan wordt doorgaans gesproken van een nulurencontract. Op opeenvolgende tijdelijke overeenkomsten is de ketenregeling van toepassing.
Voorovereenkomst
Staat het de werknemer vrij een oproep te weigeren en is ook de werkgever niet verplicht hem op te roepen, dan kan eerst alleen een voorovereenkomst bestaan. Pas wanneer de oproep wordt aanvaard, ontstaat een korte arbeidsovereenkomst voor de duur van het werk. Meerdere aanvaarde oproepen kunnen daardoor meerdere tijdelijke arbeidsovereenkomsten vormen. Het aantal oproepen en de tussenpozen kunnen dan verrassend snel tot toepassing van de ketenregeling leiden.
Een oproepcontract kan dus een nulurencontract of min-maxcontract zijn, maar de benaming alleen beslist niet welk juridisch regime geldt. Daarnaast bestaan sinds de Wet arbeidsmarkt in balans eigen beschermingsregels, waaronder de oproeptermijn en het aanbod van een vaste arbeidsomvang nadat de arbeidsovereenkomst twaalf maanden heeft geduurd.
Uitzendkracht
Voor de uitzendovereenkomst kent de wet een bijzonder regime. Tijdens de eerste periode kan een uitzendbeding gelden en kan bij cao worden afgeweken van onderdelen van de gewone ketenregeling. Daarom moet naast ieder contract worden vastgesteld welke cao geldt en in welke fase de uitzendkracht zich bevindt.
Dat een werknemer via een uitzendbureau bij dezelfde inlener blijft werken, betekent niet dat uitsluitend naar de naam van het uitzendbureau moet worden gekeken. Ook opvolgend werkgeverschap kan een rol spelen wanneer de werknemer overgaat naar een andere formele werkgever en hetzelfde werk blijft verrichten.
Wijzigingen vanaf 2028
De Wet meer zekerheid flexwerkers wijzigt vanaf 1 januari 2028 niet alleen de onderbrekingstermijn van de gewone ketenregeling, maar ook onderdelen van het flex- en uitzendregime. Oude voorbeelden kunnen daardoor niet zonder controle op nieuwe contracten worden toegepast.
Bronnen
De informatie op deze pagina is algemeen. De uitkomst kan afhangen van het contract, de cao en de overige omstandigheden van het geval.